Detransitie: ervaringen en cijfers
Hoe vaak komt detransitie voor en wat vertellen de ervaringen van detransitioners?
Hoe vaak detransitie voorkomt, is niet bekend. In een enquête uit 2021 onder 100 mensen die hun transitie hadden teruggedraaid, had 24 procent dat gemeld aan de behandelaar of kliniek die de transitie had begeleid. De onderzoeker leidt daaruit af dat klinieken het aantal detransities waarschijnlijk onderschatten. De deelnemers waren geworven via sociale media, mailinglijsten van beroepsgroepen en via elkaar (bron).
De Gezondheidsraad zette in 2026 de literatuur op een rij over behandeling die voor het achttiende jaar is gestart. In zeven Nederlandse studies stopte 0 tot 3,5 procent van de jongeren met de behandeling; over detransitie rapporteerden die studies niet. In internationale systematische reviews loopt het percentage kinderen en adolescenten dat met hormoonbehandeling stopt uiteen van 0 tot 8 procent (bron).
De redenen voor detransitie variëren. In de enquête konden deelnemers meer dan één reden aankruisen. Het vaakst genoemd werd dat zij zich weer thuis voelden bij hun geboortegeslacht (60 procent). Daarna volgden zorgen over mogelijke medische complicaties (49 procent), een psychische gezondheid die tijdens de transitie niet verbeterde (42 procent), ontevredenheid over de lichamelijke resultaten (40 procent) en het inzicht dat de genderdysforie een specifieke oorzaak had, zoals trauma of een psychische aandoening (38 procent) (bron).
Wat het betekent
Detransitie maakt duidelijk dat zorgvuldige diagnostiek en eerlijke voorlichting over onomkeerbare effecten essentieel zijn.
Veelgestelde vragen
Waarom is het lastig om te weten hoe vaak detransitie voorkomt?
In een enquête uit 2021 onder 100 mensen die hun transitie hadden teruggedraaid, had 24 procent dat gemeld aan de behandelaar of kliniek die de transitie had begeleid. Volgens de onderzoeker onderschatten klinieken het aantal detransities daardoor waarschijnlijk. De Nederlandse studies die de Gezondheidsraad in 2026 besprak, rapporteerden niet over detransitie.
Welke redenen noemen detransitioners voor het terugdraaien van hun transitie?
In een enquête uit 2021 onder 100 detransitioners waren de meest genoemde redenen: zich weer thuis voelen bij het geboortegeslacht (60 procent), zorgen over mogelijke medische complicaties (49 procent), een psychische gezondheid die niet verbeterde (42 procent), ontevredenheid over de lichamelijke resultaten (40 procent) en het inzicht dat de genderdysforie een specifieke oorzaak had, zoals trauma of een psychische aandoening (38 procent).
Wat betekent detransitie voor de manier waarop zorg wordt ingericht?
Het onderstreept dat zorgvuldige diagnostiek vooraf en eerlijke voorlichting over onomkeerbare effecten essentieel zijn, en dat een zorgsysteem dat transitie faciliteert ook detransitie en nazorg goed moet regelen.