Wetsvoorstel voor zelfidentificatie definitief ingetrokken
Het kabinet trok het wetsvoorstel in dat de deskundigenverklaring bij wijziging van de geslachtsregistratie wilde schrappen, na twee moties van een Kamermeerderheid. De intrekkingsbrief van 11 augustus 2025 bereikte de Tweede Kamer op 13 januari 2026. Daarmee komt voorlopig een einde aan de route naar zelfidentificatie op eigen verklaring.
Het wetsvoorstel dat de voorwaarden voor wijziging van de geslachtsvermelding in de geboorteakte moest versoepelen, is definitief van tafel. Op 13 januari 2026 ontving de Tweede Kamer de brief waarmee de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wetsvoorstel 35.825 introk (bron). De brief is gedateerd op 11 augustus 2025. Hij werd toen alleen op papier verstuurd, zonder digitale versie, en is pas in januari 2026 gepubliceerd; volgens het kabinet was het voorstel al met de brief van 11 augustus 2025 ingetrokken (bron). Daarmee eindigt een wetstraject dat begon toen het voorstel op 3 mei 2021 bij de Tweede Kamer werd ingediend (bron) en dat had moeten leiden tot wijziging van de geslachtsvermelding op basis van een eigen verklaring bij de gemeente, zonder verklaring van een deskundige.
Wat het voorstel wilde veranderen
Onder de huidige wet kan iemand van zestien jaar of ouder de geslachtsvermelding laten wijzigen met een verklaring van een aangewezen deskundige. In die verklaring staat dat de betrokkene tegenover de deskundige heeft verklaard de overtuiging te hebben tot het andere geslacht te behoren, de voorlichting over de reikwijdte en de betekenis daarvan heeft begrepen en de wijziging weloverwogen blijft wensen (bron). Het ingetrokken voorstel wilde die eis laten vervallen: wie zestien jaar of ouder is, zou het voornemen tot wijziging schriftelijk kenbaar maken bij de ambtenaar van de burgerlijke stand en het na ten minste vier en ten hoogste twaalf weken in persoon bevestigen, zonder deskundigenverklaring. Voor kinderen jonger dan zestien jaar zou wijziging mogelijk worden via een verzoek van de wettelijke vertegenwoordiger aan de rechtbank, en ook een derde of volgende wijziging zou langs de rechter lopen (bron).
Een lang aangekondigd einde
Het voorstel lag al langer stil. De plenaire behandeling begon op 27 en 28 september 2022 en werd daarna niet meer voortgezet; op 12 september 2023 verklaarde de Tweede Kamer het voorstel controversieel. Op 23 april 2024 nam de Kamer een motie aan die het kabinet verzocht het voorstel binnen een maand in te trekken. Het toenmalige kabinet liet weten die motie niet uit te voeren (bron). Op 8 april 2025 nam de Kamer een tweede motie aan, die vroeg de eerste alsnog uit te voeren. De ministerraad besloot op 30 juni 2025 daaraan gehoor te geven. De intrekkingsbrief is op 11 augustus 2025 ondertekend en op 13 januari 2026 door de Kamer ontvangen; een nadere toelichting op de gang van zaken is gedateerd op 2 april 2026 (bron).
Waarom dit meer is dan een procedurele voetnoot
Voor critici van zelfidentificatie is de intrekking een principiële uitkomst, geen technische. De deskundigenverklaring is in hun ogen de enige onafhankelijke drempel in een procedure die doorwerkt in statistiek, sekse-gescheiden voorzieningen zoals vrouwenopvang en -sport, en de juridische betekenis van het begrip 'geslacht'. In het Kamerdebat van 27 september 2022 uitten tegenstanders de zorg dat de mogelijkheid om de registratie zonder die verklaring te wijzigen misbruikt kan worden, en vroegen zij naar de gevolgen voor vrouwenopvang, vrouwengevangenissen en sport (bron). Zie ook Zelfidentificatie in cijfers: wat de biologie laat zien.
Wat er nu nog open ligt
De intrekking betekent niet dat het onderwerp van de agenda is. Over een geslachtsregistratie 'x' in de geboorteakte stuurde de minister voor Rechtsbescherming de Kamer in juli 2023 een aparte inventarisatie van de gevolgen voor wetgeving, uitvoering en kosten (bron). Ook in het buitenland wordt het debat gevoerd. Bij het Indiase Hooggerechtshof loopt een zaak tegen een wet uit 2026 die het recht op zelfbepaalde genderidentiteit schrapt (bron); de landsadvocaat van de Indiase regering stelde daar op 3 augustus 2026 dat bij onbeperkte zelfidentificatie ten minste 169 wetsbepalingen onwerkbaar worden (bron). Een nieuw Nederlands voorstel voor zelfidentificatie zou opnieuw langs de Tweede en Eerste Kamer moeten, met alle politieke onzekerheid van dien.

Saskia Weijermars
Redactie
Veelgestelde vragen
Wanneer werd het wetsvoorstel voor zelfidentificatie ingetrokken?
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid ondertekende de intrekkingsbrief voor wetsvoorstel 35.825 op 11 augustus 2025. De Tweede Kamer ontving de brief op 13 januari 2026. Volgens het kabinet was het voorstel al met de brief van 11 augustus 2025 ingetrokken. De Kamer had het voorstel op 12 september 2023 controversieel verklaard.
Wat zou het wetsvoorstel concreet veranderen?
Het zou de verplichte deskundigenverklaring bij wijziging van de geslachtsregistratie laten vervallen. Wie zestien jaar of ouder is, zou de registratie kunnen wijzigen door het voornemen te melden bij de ambtenaar van de burgerlijke stand en het na vier tot twaalf weken in persoon te bevestigen. Voor kinderen jonger dan zestien jaar zou wijziging mogelijk worden via de rechtbank.
Waarom werd het voorstel ingetrokken?
De Tweede Kamer nam op 23 april 2024 een motie aan die het kabinet verzocht het voorstel binnen een maand in te trekken. Het toenmalige kabinet voerde die niet uit. Na een tweede motie, aangenomen op 8 april 2025, besloot de ministerraad op 30 juni 2025 eraan gehoor te geven. Een schriftelijke toelichting op de gang van zaken is gedateerd op 2 april 2026.